
» Wetten en regels: de procedure
Deze procedure tot beëindiging van de arbeidsovereenkomst kent twee varianten. In beide varianten wordt de procedure ingeleid door een verzoekschrift tot ontbinding dat de werkgever indient bij de rechtbank, sector kanton. De werknemer kan dan een verweerschrift indienen, waarna een mondelinge behandeling plaats kan vinden.
Indien het ontbindingsverzoek verband houdt met de aanwezigheid van een opzegverbod (bijv. ziekte van de werknemer), wordt het verzoek afgewezen.
Van de uitspraak op een ontbindingsverzoek is geen hoger beroep mogelijk.
Geen der partijen is verplicht om een advocaat in te schakelen, maar dit geniet wel de voorkeur, gezien de ingewikkeldheid van de materie en de grote financiële gevolgen voor partijen.
Er zal in de regel een door de werkgever te betalen ontbindingsvergoeding worden overeengekomen aan de hand van een richtlijn die de kantonrechters in Nederland hebben opgesteld.
Deze formule luidt A x B x C, waarbij A het aantal dienstjaren is, B het bruto maandsalaris met de vaste looncomponenten en C de correctiefactor.
Deze correctiefactor kan neutraal zijn, d.w.z. 1. maar ook hoger of lager dan 1, afhankelijk van de mate van verwijtbaarheid van de partijen of van in wiens risicosfeer de ontbinding is gelegen.
De ontbindingsprocedure valt te onderscheiden in twee soorten.
» Pro forma procedure
In dit geval zijn werkgever en werknemer het tevoren eens over de beëindiging van de arbeidsovereenkomst en de voorwaarden, zoals de datum van ingang en de hoogte van de vergoeding, welke in verzoek- en verweerschrift worden opgenomen. Veelal worden deze elementen tevoren door partijen vastgelegd in een beëindigingsovereenkomst. In deze procedure acht de rechter een mondelinge behandeling meestal overbodig.
» Procedure op tegenspraak
Indien de werknemer zich verzet tegen de ontbinding zal hij inhoudelijk verweer moeten voeren. Partijen kunnen ter zitting hun standpunt mondeling toelichten en de rechter zal meestal trachten een schikking te bereiken. Lukt dit niet, dan komt er een schriftelijke uitspraak.
Voor de WW rechten van de werknemer maakt het in principe niet uit of de ontbinding het gevolg is van een pro forma procedure of een procedure op tegenspraak, behalve als de ontbinding is gegrond op een dringende reden, welke ook ontslag op staande voet zou kunnen rechtvaardigen.
De pro forma procedures zijn sterk in aantal en belang verminderd, omdat sinds oktober 2006 ter voorkoming van onnodige pro forma procedures het ook is toegestaan de arbeidsovereenkomst te beëindigen door middel van een beëindigings- of vaststellingsovereenkomst.

Via de kantonrechter
